Veel interesse voor nieuwe regeling verlofsparen

AMSTERDAM - Sinds 1 januari van dit jaar kunnen werknemers sparen voor langdurig verlof. Wat zijn de gevolgen voor de organisatie?

Langdurig zorgverlof, een wereldreis of tijd voor een studie… Voor zulke vormen van loopbaanonderbreking (tot maximaal twaalf maanden) kunnen werknemers sinds 1 januari jaarlijks maximaal tien procent van hun bruto jaarsalaris sparen. Ze zetten daartoe een deel van het salaris opzij óf sparen tijd. In dat laatste geval worden de gespaarde verlofuren omgerekend in geld. Het spaargeld moet verplicht gestort worden op een geblokkeerde rekening van een financiële instelling of een bij cao ingesteld fonds. 

Het sparen is voor werknemers fiscaal aantrekkelijk omdat ze pas belasting over het ‘spaartegoed’ betalen als dit daadwerkelijk wordt uitgekeerd. Wel dragen ze over het ingelegde bedrag meteen premies werknemersverzekeringen af. De verlofperiode heeft geen invloed op aanspraken voor WAO en WW en ook de verplichte Ziekenfondsverzekering loopt gewoon door.

De maatregel - ingevoerd op initiatief van staatssecretaris Verstand van Emancipatiebeleid - kan grote gevolgen hebben voor de personeelsbezetting van bedrijven. Weliswaar moet het verlof in overleg met de werkgever worden opgenomen, maar die werkgever moet de regeling openstellen voor ten minste driekwart van zijn personeel. Uit een onderzoek van Aigis Benefits & Arbeidszaken onder medewerkers in de gezondheidszorg blijkt dat ten minste 34% zou willen deelnemen aan de spaarregeling. Gemiddeld zouden zij eenmaal per vier jaar een verlofperiode van zes maanden wensen; omgerekend betekent dit 12,5% extra vrije tijd. Naarmate de werkgever financieel meer bijdraagt aan de regeling, groeit het aantal deelnemers. Bij 75% werkgeversbijdrage wil 79% van de respondenten deelnemen.

De wet heeft geen dwingend karakter. Werkgevers krijgen de ruimte om in overleg met hun medewerkers te bepalen of van het verlofsparen gebruik wordt gemaakt, en zo ja, in welke vorm. Dat heeft als voordeel – vinden de onderzoekers van Aigis - dat werkgevers verlofsparen kunnen gebruiken om zich positief te onderscheiden op de arbeidsmarkt. Zo kunnen ze bijdragen in de kosten van het verlof en al dan niet een baan- of functiegarantie geven bij terugkomst. Ook kunnen ze meer of minder ruime grenzen stellen ten aanzien van duur en frequentie van het verlof en de aard van het verlof: uitsluitend als zorgverlof of bijvoorbeeld ook voor studie?

Verlofsparen wordt als arbeidsvoorwaarde door 53,3% van de ondervraagde medewerkers hoog gewaardeerd. Ter vergelijking: kinderopvang scoort 36,8% en een pc-project 36,4%.

De onderzoekers waarschuwen bedrijven overigens om – net als bij zwangerschaps- en ouderschapsverlof – vroegtijdig in kaart te brengen wie er aan de verlofregeling meedoen en wanneer het verlof waarschijnlijk wordt opgenomen. Alleen dan kan er goede vervanging worden geregeld.